Diamond Rio

Diamond Rio  Diamond Rio is een Amerikaanse countryband die tussen 1984 en 1988 is opgericht in Nashville, TN.

Al vrijwel vanaf het begin bestaat de groep uit dezelfde 6 leden:

Dana Williams (basgitaar en bariton) geboren in Dayton Ohio, maar opgegroeid in Nashville. Op zijn zevende trad hij toe tot het kerkkoor, en hij kwam al jong in aanraking met vele muziekstijlen. Zijn hart ging en gaat echter uit naar de Countrymuziek. Dana kwam bij Diamond Rio omdat hij gevraagd werd door Jimmy Olander.

Jimmy Olander (electrische en acoustics gitaar) is geboren in Minneapolis, en kwam in aanraking met de muziek toen zijn vader hem als 12-jarige meenam naar een concert van de mandolinespeler Gene Johnson. Gene werd 1 van zijn grote voorbeelden, en later ook zijn collega in Diamond Rio. Jimmy is een van de oprichters van Diamond Rio.

Marty Roe (lead-zanger) is net als Jimmy een van de oprichters van de band. Hij is genoemd naar de Countrylegende Marty Robbins, en als tweejarige begin hij al met zingen. Het eerste nummer dat hij kende was het volkslied “Star Spangled Banner”, en toen hij 6 was leered hij het Merle Haggard success “The Fugitive”. Hij groeide op op een boerderij in Lebanon, Ohio, waar hij droomde dat hij ooit een CMA-award zou winnen. Als kind repeteerde hij daarom al wat hij tijdens de uitreiking hiervan zou zeggen. Jaren later zou zijn droom werkelijkheid worden

Dan Truman (Keyboard / Piano) is de derde oprichter van de band. Hij is in zijn jeugd vooral beïnvloed door de verschillende soorten jazz en klassieke muziek. Zijn persoonlijke favorieten zijn onder andere Martina McBride, Keith Urban, Rascal Flatts en Trisha Yearwood

Brian Prout (Drums) is geboren op 4 december in Troy, NY. Zijn eerste optreden was samen met zijn zuster Lori met wie hij een dans en zangact deed. Daarna speelde hij in verschillende rockbands in New York. Eind van de jaren 70 vertrok hij richting Florida, en onderweg kwam hij in aanraking met de countrymuziek. In 1987 trad hij toe tot Diamond Rio

Gene Johnson (Mandoline en Tenor ) is opgegroeid in Sugar Grove Pennsylvania en spelt al vanaf zijn jeugd mandolin. Er gaan geruchten dat hij zijn eerste betaalde optreden deed toen hij net 4 jaar oud was. Hij is vooral beïnvloed door de country, bluegrass en folkmuziek. Hij was de laatste die toetrad tot Diamond Rio.





In 1984 ontmoeten Dan Truman en Marty Roe elkaar voor het eerst in Opryland USA, een themapark in Nashville. Kort daarna formeren ze de bluegrass-groep the Grizzly River Boys, welke naam ze later zouden veranderen in the Tennessee River Boys. Jimmy Olander en Gene Johnson voegden zich een jaar later bij de band, kort daarna gevolgd door Brian Prout en Dana Williams. Omdat de naam suggereerde dat de band alleen maar Gospelmuziek zong, werd de naam gewijzigd in Diamond Rio.

Na de naamswijziging werd de band ontdekt door Arista-directeur Tim DuBois die hun een platencontract aanbood. In 1988 tekent Diamond Rio een contract bij Ariste Records. Echter door ziekten van een aantal bandleden, duurt het tot 1991 voor ze hun eerste single uitbrengen. "Meet in the Middle".Het bereikte de eerste plaats in de country-lijsten, waardoor Diamond Rio direct al geschiedenis schrijft. Het is de eerste band die met hun debuutsingle de eerste plaats bereiken.

Dit nummer opent ook het eerste album van de band “Diamond Rio”. Naast Meet in the Middle, bevat het album ook nog de top-10 hits "Mirror, Mirror", "Mama Don't Forget to Pray for Me", "Norma Jean Riley" en "Nowhere Bound". Ook staat op het album het instumentale "Poultry Promenade" waarvoor de band zijn eerste Grammy nominatie ontvangt. Van het album zouden uiteindelijk ruim 1 miljoen exemplaren verkocht worden.



Close to the Edge - het tweede album – kwam uit in 1992. Ofschoon er ruim 500.000 exemplaren van verkocht werden, bevat dit album slechts 2 top-10 hits, "In a Week or Two" en "Oh Me, Oh My Sweet Baby". Achteraf verklaarde Marty Roe de mindere kwaliteit door te stellen dat de band het album binnen 1 maand af moest hebben. Ook in 1992 maakte Marty Roe nog een andere opname. Hij werkte namelijk mee met Pam Tillis aan het duet "Love Is Only Human" voor haar album Homeward Looking Angel.

In 1993 werkt Diamond Rio mee aan het Eagles tribute-album, Common Thread: The Songs of the Eagles. Op dit album zingen en spelen zij "Lyin' Eyes".

Love a Little Stronger- het derde album van de band – komt uit in 1994. De band neemt ruim de tijd voor de opnames, en dat betaald zich terug in succes. Het titelnummer bereikt de tweede plaats, en ook de opvolger "Night Is Fallin' in My Heart" bereikt de top 10. Daarnaast scoren ook nog "Bubba Hyde" en "Finish What We Started" top-20 posities. Het album wordt hun tweede platina plaat.

Later in 1994 werkt Diamond Rio samen met de countrygitaristen Lee Roy Parnell and Steve Wariner. Als Jed Zeppelin werken ze in deze samenstelling mee aan een tribute-album voor Merle Haggard, waar ze "Workin' Man's Blues" op uitvoeren.

Het lijkt een eentonig verhaal te worden, want ook het 4e album – IV – dat uitkomt in 1996 wordt goud. Op dit album 4 singles, "Walkin' Away", "That's What I Get for Lovin' You", "It's All in Your Head", en "Holdin'". Alleen "It's All in Your Head" bereikte niet de top 10.

In 1997 werkt Diamond Rio mee aan een gospelproject. Zij nemen "Walkin' in Jerusalem" op, dat wordt uitgebracht op het verzamelalbum Peace in the Valley: A Country Music Journey Through Gospel Music. Hetelfde jaar brengen zij hun eerste Greatest Hits album uit, waarop niet alleen hits van de eerste vier albums staan, maar ook twee nieuwe nummers. Een van de nieuwe nummers "How Your Love Makes Me Feel" komt uit op single in 1997, en wordt de tweede nummer 1 hit voor de band. Het album wordt platina.

Ook hierna blijven de successen komen. Het album Unbelievable dat uitkomt in 1998 wordt goud en de titelsong bereikt als single de 2e plaats. Eind 1998 wordt Diamond Rio opgenomen in de Grand Ole Opry, waarmee ze de eerste band zijn in 15 jaar die dit bereikt. In 1999 neemt TNN een TV-special op met Diamond Rio getiteld The Life and Times of Diamond Rio.

In 2001 brengt de band het album One More Day uit. De eerste single "Stuff"bereikt amper de top 40, maar de opvolger – de titelsong – bereikt de eerste plaats. De single komt uit in februari 2001, kort na het overlijden van NASCAR-coureur Dale Earnhardt. Een radiostation in New York draait dit nummer als eerbetoon aan Dale, en dit wordt snel overgenomen door andere radiostations. Ook na 11 september wordt dit nummer veel gedraaid als eerbetoon aan de slachtoffers.

In 2002 krijgt het succes een vervolg als het album Completely wordt uitgebracht. Ook voor dit album krijgt de band weer een gouden plaat. Op dit album vinden we twee nummer 1 hits, "Beautiful Mess" en "I Believe"

Het album Can't You Tell,- opgenomen in 2003 – wordt niet uitgebracht als blijkt dat de eerste twee singles van dit album de top 40 niet bereiken.

Daarna is het even stil, tot in 2006 het album Greatest Hits, Volume 2, uitkomt. Ook dit album bevat wer enkele nieuwe nummers, maar het enige nummer dat de top 30 bereikt is "God Only Cries". Kort hierop verlaat de band Arista, na een 15-jarige samenwerking.

Op 31 augustus 2007 tekent de band een contract bij World Records, een maatschappij die veelal gelovige muziek uitbrengt. Op dit label verschijnt datzelfde jaar het kerstalbum van Diamond Rio A Diamond Rio Christmas: The Star Still Shines.

De band heeft o.m. de volgende Awards in ontvangst mogen nemen:

- De Academy of Country Music's award voor Top Vocal Group in 1991 en 1992.

- De CMA Award voor Vocal Group of the Year in 1992, 1993, 1994, en 1997



In 2009 verscheen de autobiografie "A beautiful Mess: The story of Diamond Rio", en het nieuwe album "The reason"

De officiele website

laatste wijziging januari 2010