Doobie Brothers

The Doobie Brothers The Doobie Brothers is een Amerikaanse band die in het begin vooral werd gezien als Rockband, dan wel Southern Rockband. Echter in de loop der jaren worden ze steeds meer gezien – net als b.v. de Eagles en Poco – als Countryrockband.

De band is opgericht in 1969, en kende enorm veel personele wisselingen. De kern van de band wordt gevormd door zangers/gitaristen Tom Johnston en Pat Simmons.

De band is in 1969 opgericht door gitarist en schrijver Tom Johnston en drummer John Hartman. Ze werden aan elkaar voorgesteld door Skip Spence, de gitarist van Moby Grape die voorheen deel uitmaakte van Jefferson Airplane.  Johnston en Hartman begonnen een band genaamd Pud en experimenteerden met allerlei muzikale stijlen terwijl ze in en rond San José optraden. In 1970 kwamen bassist Dave Shogren en zanger, gitarist en schrijver Patrick Simmons bij de band. Simmons, die al bij diverse andere bands had gespeeld, was een begenadigd fingerstyle gitarist, en zijn stijl sloot goed aan bij de ritmische aanslagtechniek van Johnston. De uiteindelijke bandnaam werd bedacht door een huisgenoot van Johnston, die het een betere naam vond dan "Pud".

De Doobie Brothers schaafden hun speeltechniek bij door hun vele live-optredens in Noord-Californië in 1970. Vooral in de lokale afdelingen van de Hells Angels vergaarde de band grote populariteit. Een energiek optreden in het Chateau Liberte, een van de favoriete locaties van de Hells Angels, bezorgde de band een platencontract bij Warner Bros..
In deze periode was het imago van de band gelijk aan dat van hun grootste fans - leren jacks en motoren. Het debuutalbum van de band (uitgebracht in 1971) week echter sterk af van dat imago: het bezat duidelijke country-invloeden en legde de nadruk op akoestische gitaren. De eerste single van de band, "Nobody" (die overigens net als het album geen hit werd), staat nog steeds regelmatig op de setlist van de band tijdens live-optredens.

Het jaar erop bracht de band in een tweede poging tot succes het album Toulouse Street uit. Dit album bracht de band het gewenste succes met de grote hits Listen to the Music en Jesus is just Allright (een oud nummer van de Byrds). In samenwerking met hun manager Bruce Cohn, producent Ted Templeman en engineer Don Landee wist de band een meer gepolijst geluid te bewerkstelligen. Ook in de samenstelling van de band werd gesneden: zanger Dave Shogren werd vervangen door zanger, schrijver en basgitarist Tiran Porter, en werd er een extra drummer aan de band toegevoegd, Michael Kosack. Ook werd aan de meeste opnames van de band toetsenwerk van pianist Bill Payne toegevoegd. Payne vergezelde de band slechts een enkele keer tijdens optredens en maakte verder geen formeel deel uit van de band. Na al deze aanpassingen in bezetting en geluid, was het handelsmerk van de band - een smeltkroes van R&B, country, bluegrass, heavy metal en rock-'n-roll - volledig gevormd.

Een reeks van hits volgde, met onder Long Train Running en China Grove afkomstig van het album The Captain and Me. In 1974 scoorde de band zijn eerste nummer-een-hit in de VS met het nummer Black Water, afkomstig van het album What Were Once Vices Are Now Habits. Tijdens de opnames van dit album had drummer Kossack de band onverwacht verlaten en was vervangen door drummer en zanger Keith Knudsen. Beide musici zijn op het album te horen.

In 1974 werd de groep versterkt met ex- Steely Dan guitarist Jeff "Skunk" Baxter.  Hij had al eerder met de Doobies samengewerkt in de studio, waar hij pedal-steelgitaar speelde in "South City Midnight Lady",”Black Water" en "Tell Me What You Want", en was al eerder als special guest te horen geweest tijdens hun tournee.

Het album Vices bevat ook de Doobies’ eerste nummer 1 hit, het door Simmons geschreven "Black Water". Dit album levered dubbel-platinum op.
Aan het eind van 1974 ging de gezondheid van Johnston achteruit, en hij moest verstek laten gaan tijdens het grote “Dick Clark’s Rockin’ New Years eve”, waar naast de Doobies ook de Beach Boys, Chicago en Olivia Newton-John acte de presence gaven.
Op dat moment waren de opnames voor het album Stampede - dat uit moest komen in 1975 - al klaar.

Toen de lentetournee van 1975 van start zou gaan was zijn gezondheid dermate slecht dat hij opgenomen moest worden in het ziekenhuis. Baxter wist nog wel een vervanger voor hem, namelijk zijn ex-Steely Dan partner Michael McDonald.
De Doobies stonden voor een dilemma in 1976, toen zij contractueel een nieuw album moesten afleveren, en zij nog steeds konden beschikken over hun vaste schrijvers. Dus werd de beslissing genomen dat Michael McDonald en Porter voor aanvullend materiaal zouden zorgen. Het resultaat is terug te vinden op het album Takin' It to the Streets, met een total ander geluid. Duidelijk zijn de invloeden van Baxter (met zijn jazzy stijl van gitaar spelen) en het stemgeluid van Micahel McDonald.  Het album bevat de hits van McDonald (Takin´ it to the streets en It keeps running). Het laatste nummer zou later gecoverd worden door Carly Simon, waarbij de Doobies het achtergrondkoor verzorgden. Bassist Porter schreef en zong een tribute voor de afwezige Johnston, getiteld "For Someone Special." Voor het jaar om was verscheen er nog een Greatest Hits album. Eind 1996 (twintig jaar later) ontvingen ze hiervoor een diamanten onderscheiding voor de verkoop van 10 miljoen exemplaren.
De nieuwe sound werd verder ontwikkeld – en de rol van McDonald steeds groter op het album uit 1977 “Living on the Fault line”. Dit album bevat ondermeer de successen “Little Darlin’”. “Echoes of love” en “You belong to me”
En opeens was daar het hele grote succes toen de band in 1977 “Minute by minute” uitbracht. Het album stond geruime tijd op de eerste plaats, en de songs domineerden de radio-playlisten gedurende bijna 2 jaar. Het grootste succes van dit album was de single “What a fool believes”, waarmee de band niet alleen de eerste plaats bereikte, maar ook nog een Grammy in ontvangst mocht nemen. Andere successen van dit album zijn "Here to Love You", "Dependin' On You" en "Steamer Lane Breakdown".
Het succes van het album was groot, maar legde een dermate grote druk op de bandleden dat het album bijna het einde van de Doobies betekende. De onderlinge spanningen – met name tussen McDonald en Baxter – liepen steeds verder op, en uiteindelijk besloten ze in 1982 te stoppen met de Doobies, maar niet voor ze in 1980 nog het album “One step closer” hadden uitgebracht.
In 1987 kwam de band weer bij elkaar, en gedurende de jaren daarna wisselde de band zeer regelmatig van samenstelling.
In 1995 kwam het tot een korte reunie, toen ze aan het toeren waren met de Steve Miller Band en Michael McDonald weer mee kwam spelen. Tijdens deze “Dreams come true” toer waren alle drie de toonaangevende sound-bepalende componisten van Doobies aanwezig. Op het in 1996 uitgebrachte dubbele -live album, Rockin' Down the Highway: The Wildlife Concert (ook op DVD verschenen) speelt Michael McDonald op drie door hem geschreven stukken ook weer mee. McDonald zou hierna steeds alleen nog maar als special guest op komen draven.

Op dit moment zijn er vier ex-Doobies overleden, te weten percussionist LaKind in 1992, de oorspronkelijke bassist Shogren in 1999, in 2004 Bumpus en in 2005 drummer Keith Khnudsen.

Er gaan geruchten dat de Doobies in de huidige samenstelling in 2009 weer met een nieuw studio-album zullen komen, echter deze geruchten deden ook al voor 2008 de ronde.

De personele samenstellingen van de Doobies zijn:
1970 - 1971        
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             Dave Shogren - basgitaar, achtergrondkoor
•             John Hartman - drums, percussie, achtergrondkoor

1971 - 1972        
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             Dave Shogren- basgitaar, achtergrondkoor
•             Michael Hossack - drums
•             John Hartman - drums, percussie, achtergrondkoor

1972 – 1973
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             Tiran Porter - basgitaar, zang
•             Michael Hossack - drums, percussie
•             John Hartman - drums, percussie, achtergrondkoor

1973 – 1974
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             Tiran Porter - basgitaar, zang
•             Keith Knudsen - drums, percussie, zang
•             John Hartman - drums, percussie, achtergrondkoor

1974 – 1975
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             Jeff "Skunk" Baxter - gitaar, achtergrondkoor
•             Tiran Porter - basgitaar, zang
•             Keith Knudsen - drums, percussie, zang
•             John Hartman - drums, percussie, achtergrondkoor

1975 – 1977
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang(miste het grootste deel van de tournee)
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             Jeff "Skunk" Baxter - gitaar, achtergrondkoor
•             Tiran Porter - basgitaar, zang
•             Michael McDonald - keyboard , synthesizers, zang
•             Keith Knudsen - drums, percussie, zang
•             John Hartman - drums, percussie, achtergrondkoor

1977 – 1979
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             Jeff "Skunk" Baxter - gitaar, achtergrondkoor
•             Tiran Porter - basgitaar, zang
•             Michael McDonald - keyboard , synthesizers, zang
•             Keith Knudsen - drums, percussie, zang
•             John Hartman - drums, percussie, achtergrondkoor
•             Bobby LaKind - percussie, achtergrondkoor

1979 – 1980
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             John McFee - gitaar, viool, zang
•             Tiran Porter - basgitaar, zang
•             Michael McDonald - keyboard , synthesizers, zang
•             Keith Knudsen - drums, percussie, zang
•             Chet McCracken - drums, percussie
•             Cornelius Bumpus - saxofoon, fluit, keyboard , zang

1980 – 1982
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             John McFee - gitaar, viool, zang
•             Willie Weeks - basgitaar, achtergrondkoor
•             Michael McDonald - keyboard , synthesizers, zang
•             Keith Knudsen - drums, percussie, zang
•             Chet McCracken - drums, percussie
•             Bobby LaKind - percussie, achtergrondkoor
•             Cornelius Bumpus - saxofoon, fluit, keyboard , zang

1982 - 1987         De Doobies zijn gestopt 1987 (en oktober 1992)
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             Jeff "Skunk" Baxter - gitaar, achtergrondkoor
•             John McFee - gitaar, viool, zang
•             Tiran Porter - basgitaar, zang
•             Michael McDonald - keyboard , synthesizers, zang
•             Keith Knudsen - drums, zang
•             Michael Hossack - drums, percussie
•             John Hartman - drums, percussie. achtergrondkoor
•             Chet McCracken - drums, percussie
•             Bobby LaKind - percussie, achtergrondkoor
•             Cornelius Bumpus - saxofoon, fluit, keyboard , zang

1988 – 1989
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             Tiran Porter - basgitaar, zang
•             Michael Hossack - drums, percussie
•             John Hartman - drums, percussie, achtergrondkoor
•             Bobby LaKind - percussie, achtergrondkoor
•             Dale Ockerman - keyboard , guitar, achtergrondkoor

1989 – 1990
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             Tiran Porter - basgitaar, zang
•             Michael Hossack - drums, percussie
•             John Hartman - drums, percussie, achtergrondkoor
•             Dale Ockerman - keyboard , guitar, zang
•             Jimi Fox - percussie, achtergrondkoor
•             Richard Bryant - percussie, zang
•             Cornelius Bumpus - saxofoon, keyboard , fluit, zang

1990 – 1991
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             Tiran Porter - basgitaar, zang
•             Michael Hossack - drums, percussie
•             John Hartman - drums, percussie, achtergrondkoor
•             Dale Ockerman - keyboard , guitar, achtergrondkoor
•             Jimi Fox - percussie, achtergrondkoor
•             Richard Bryant - percussie, zang

1991 – 1992
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             Tiran Porter - basgitaar, zang
•             Michael Hossack - drums, percussie
•             John Hartman - drums, percussie, achtergrondkoor
•             Dale Ockerman - keyboard , guitar, achtergrondkoor

1993
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             John McFee - gitaar, viool, zang
•             Willie Weeks - basgitaar, achtergrondkoor
•             Michael Hossack - drums, percussie
•             Keith Knudsen - drums, percussie, zang
•             Dale Ockerman - keyboard , guitar, achtergrondkoor
•             Cornelius Bumpus - saxofoon, fluit, keyboard , zang

1993 – 1995
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             John McFee - gitaar, viool, zang
•             Michael Hossack - drums, percussie
•             Keith Knudsen - drums, percussie, zang
•             John Cowan - basgitaar, achtergrondkoor
•             Dale Ockerman - keyboard , guitar, achtergrondkoor
•             Danny Hull - saxofoon, harmonica, keyboard , achtergrondkoor

1995
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             Michael McDonald - keyboard , synthesizers, zang
•             Bernie Chiravalle - guitar, achtergrondkoor
•             Chet McCracken - drums, percussie
•             Keith Knudsen - drums, percussie, zang
•             Skylark - basgitaar, zang
•             Dale Ockerman - keyboard , guitar, achtergrondkoor
•             Cornelius Bumpus - saxofoon, fluit, keyboard , zang

1996 – 1998
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             John McFee - gitaar, viool, zang
•             Michael Hossack - drums, percussie
•             Keith Knudsen - drums, percussie, zang
•             Skylark - basgitaar, zang
•             Danny Hull - saxofoon, harmonica, keyboard , achtergrondkoor
•             Guy Allison - keyboard , achtergrondkoor

1998 – 2001
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             John McFee - gitaar, viool, zang
•             Michael Hossack - drums, percussie
•             Keith Knudsen - drums, percussie, zang
•             Skylark - basgitaar, zang
•             Guy Allison - keyboard , achtergrondkoor
•             Marc Russo - saxofoon

2001 – 2002
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             John McFee - gitaar, viool, zang
•             Keith Knudsen - drums, percussie, zang
•             Skylark - basgitaar, zang
•             Guy Allison - keyboard , achtergrondkoor
•             M. B. Gordy - drums, percussie
•             Marc Russo - saxofoon

2002
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             John McFee - gitaar, viool, zang
•             Michael Hossack - drums, percussie
•             Keith Knudsen - drums, percussie, zang
•             Skylark - basgitaar, zang
•             Guy Allison - keyboard , achtergrondkoor
•             M. B. Gordy - drums, percussie
•             Ed Wynne - saxofoon

2002 – 2005
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             John McFee - gitaar, viool, zang
•             Michael Hossack - drums, percussie
•             Keith Knudsen - drums, percussie, zang
•             Skylark - basgitaar, zang
•             Guy Allison - keyboard , achtergrondkoor
•             M. B. Gordy - drums, percussie
•             Marc Russo - saxofoon

2005 – Heden:
•             Tom Johnston - gitaar, keyboard , harmonica, zang
•             Patrick Simmons - gitaar, banjo, fluit, zang
•             John McFee - gitaar, viool, zang
•             Michael Hossack - drums, percussie
•             Skylark - basgitaar, zang
•             Guy Allison - keyboard , achtergrondkoor
•             Ed Toth - drums, percussie
•             Marc Russo - saxofoon

In 2010 traden ze voor het eerst op in The Grand Old Opry, waarmee ze officieel erkend werden als countryband.

laatste wijziging 2011