Johnny Cash
De winnaar van maar liefst zes
CMA-awards in 1969, en in totaal meer dan 130 hits John R. Cash is geboren op 26
februari 1932 in Kingsland,Arkansas en overleden op 13 september 2003 in
Nashville.
In 1935 verhuisde de familie Cash naar de Duess Colony, waar het in 1937
ternauwernood de overstroming van de Mississippi in 1937 overleefde. Deze
gebeurtenis verhaalde Johnny Cash later (in 1959) in zijn hit “Five feet high
and rising”.
Na zijn schooltijd ging Johnny Cash bij de Amerikaanse Luchtmacht, waar hij in
de pauzes zichzelf gitaar leerde spelen en nummers begon te schrijven.
In juli 1954 kwam hij uit dienst, trouwde (met Vivian Liberto) en verhuisde
naar Memphis waar hij vertegenwoordiger werd. In Memphis ontmoette hij gitarist
Luther Perkins en bassist Marshall Grant en samen begonnen ze – zonder
vergoeding – op te treden voor het lokale radiostation KWEM. Sam Phillips hoorde
ze en bood ze een contract aan bij Sun Records.
De eerste single “Hey Porter” – uitgebracht onder de naam Johnny Cash and the
Tennessee Two – werd direct een hit met een verkoop van meer dan 100.000
exemplaren. De opvolger “Folsom Prison Blues” (ook geschreven door Johnny Cash)
werd ook een success en leidde tot een optreden voor KWKH's Louisiana Hayride in
december 1955.
Hij begon met een grote tournee, en na het succes van “I walk the line”(meer dan 1.000.000 verkochte exemplaren) en “There you go” (beiden in
1956) trad hij toe tot de Grand Ole Opry.
Persoonlijke tragedies markeerden de weg van het succes van Johnny Cash in de
jaren 60.
Johnny en zijn band (waartoe ook drummer W.S. Holland was toegetreden, waardoor
de naam wijzigde in the Tennessee Three) traden meer dan 300 keer per jaar op,
waarbij Johnny zich met peppillen op de been moest houden.
Johnny Cash ontmoette de zangeres June Carter (nazaat van de
Carter Family) en
begon samen met haar op te treden in december 1961. Het jaar erop was het
optreedschema nog heftiger, en had Johnny Cash nog meer pillen nodig.
Dit ging zo door tot hij in oktober 1965 door de narcoticabrigade in El Paso
werd gearresteerd, een boete kreeg en een gevangenisstraf van 30 dagen moest
uitzitten.
Johnny Cash overwon dit soort obstakels, en na zijn scheiding in 1966 trouwde
hij in 1968 met June Carter.
Vanaf toen trad hij regelmatig op voor gevangenen. Van twee van die optredens
zijn opnamen gemaakt (“ At Folsom Prison”(1968) en “Live At San Quentin”(1969)).
Op het laatste album stonden onder andere zijn wereldhits "A Boy Named Sue"en
"San Quentin".
In 1969 kreeg hij zijn eigen televisieshow bij de ABC, the Johnny Cash Show, die
zou lopen tot 1971.
Gedurende de jaren '70 maakten Johnny en June zich sterk voor de rechten van
Indianen en gevangenen. In 1975 verscheen zijn autobiografie Man in Black. In
1980 werd Cash als jongste artiest ooit bijgezet in de Rock and Roll Hall of
Fame. In hetzelfde jaar werd hij ook gekozen in de Country Music Hall of Fame
Samen met Waylon Jennings, Willie Nelson en Kris Kristofferson begon hij de
gelegenheidsband the Highwaymen.
In 1986 verliet Johnny Cash Columbia Records na een flinke ruzie en tekende een
contract bij Mercury.
In de jaren 90 bracht Johnny Cash nog een aantal CD’s uit, maar allem
aal zonder
veel succes.
Zijn gezondheid ging steeds verder achteruit tot hij in 2003 stierf aan
hartfalen, mede veroorzaakt door zijn suikerziekte.
Op 26 februari 2010 (zijn verjaardag) is het album `Ain´t no grave` uitgebracht met niet eerder verschenen opnames.
De officiele website:
www.johnnycash.com
laatste wijziging maart 2010